Haumea: de herkenning

Haumea

Transformatie van het lijden is een gemeenschappelijk thema van de Plutoïden. Er zijn verschillende oorzaken die het lijden in stand kunnen houden. Haumea gaat over zelfontkenning. Zij wijst op het belang om je te herinneren wie je bent. Zij wijst je op je goddelijke afkomst en de magische krachten die je tot je beschikking hebt.

Haumea gaat over het wantrouwen van de magie (magische krachten) die wij bezitten om het leven richting te geven (te sturen). Haumea gaat over gevoeld verraad die voortkomt uit een oordeelvellend ego dat manipulatie (het zelfbeschikkend zijn) afwijst.

Hieronder drie artikelen over dit thema:

1. De zoektocht naar jezelf

Mijn geboortehoroscoop vertelt mij veel over mijn karakter, persoonlijke voorkeuren, smaken en behoeften. De astrologie verruimt in veel opzichten het beeld dat ik van mezelf heb. Toch blijft de vraag “wie ben ik?” lastig uit te leggen. Wie ik ben schijnt overigens voor veel mensen samen te hangen met wat ik doe. Veel mensen hebben de neiging om aan de hand van werkzaamheden en dagelijkse bezigheden iemand te plaatsen. Dus: ik ben bijvoorbeeld bakker, huisvrouw of postbode. Meestal is één van de eerste vraag van belangstellende onbekende dan ook: “wat doe jij?” of: “wat is je baan?” Iedere keer wanneer deze vraag opkomt, begint mijn geest op volle toeren te draaien op zoek naar een passend antwoord.
Want wat ik ook als antwoord geef, het voelt hoe dan ook onbevredigend omdat wie ik ben, niet hetzelfde voelt als wat ik doe. Er zijn zoveel mensen die iedere dag allerlei dingen doen en daar heel ontevreden over zijn. Je doet jezelf volgens mij tekort wanneer je jezelf puur met je werkzaamheden vereenzelvigt. Dit geldt nog het meest voor hen die niet hun roeping volgen en een baan uitoefenen uit noodzaak of overlevingsstrategie.
Wanneer wij dus niet de rollen zijn die we gedurende de dag uitoefenen, wie zijn we dan wel? Wie ben ik? Ben ik dan een optelsom van persoonlijke behoeften en overtuigingen die voortkomen uit karakteristieke eigenschappen? Ik weet dat veel van mijn behoeften en overtuigingen zich hebben gevormd door ervaringen uit het verleden. In dat opzicht ben ik dus eigenlijk vooral iemand ‘geworden’. De ervaringen hebben mij zeg maar gemaakt tot wie ik ben en hebben een al dan niet positief beeld van mezelf gecreëerd.
In de basis zijn wij heel, zeg maar een krachtige bron van energie. Het leven is echter niet altijd lief voor ons en benadert ons niet altijd uit liefde en respect en dat beïnvloed onze ik-kracht. Er komt echter een moment dat je achter deze waarheid komt, met het gevolg dat je dan alles wat je de afgelopen jaren hebt toegeëigend leert los te laten, zodat je weer kunt worden wie je werkelijk bent. Je doet jezelf namelijk tekort wanneer je blijft vasthouden aan je gekwetste staat van zijn en aan alles wat niet van jou is. Wanneer je niet werkelijk jezelf kunt zijn en je anders voordoet dan je bent, lijd je in stilte. Alles wat niet bij je hoort verzwaart je energieveld en ondermijnt je kracht.

De les van Orcus heeft betrekking op onze verzameldrift, behoefte aan rijkdom en bestaanszekerheid. Vaak in een poging ons belang in de wereld te bewijzen, kunnen we prestatiegericht zijn en bezig met het verwerven van bezittingen. Hoe groter ons bezit, hoe belangrijker wij ons kunnen voelen, want het is vaak de angst geen bestaansrecht te hebben en tekortkoming dat ons drijft. Naast bezittingen en prestaties verzamelen wij ook allerlei kenmerken en overtuigingen over onszelf. Wij kleuren als het ware met allerlei specificaties onze persoonlijkheid in. Zo denken we van alles over onszelf te weten aan de hand van gedragingen. Maar vertelt de manier waarop wij ons gedragen dan de waarheid over wie we zijn? Zijn wij het totaal van onze gedragingen of is er op dieper niveau mogelijk meer aan de hand?
Zo nu en dan kom je de wijsheid tegen dat wij allen één zijn, dat wij allemaal als het ware druppels uit de oceaan zijn, maar wat dit precies betekent, is vanuit mijn huis, tuin en keuken positie niet zo gemakkelijk te begrijpen. Want je kunt je afvragen: hoe zit het dan met de horoscoop? Zou het misschien zo zijn dat de horoscoop laat zien wat ik gedurende incarnaties ben ‘geworden’, wat ik als het ware aan eigenschappen, behoeftes, levenslessen, angsten en tekortkomingen bij elkaar heb verzameld?
Haumea geeft ons mogelijk een aanwijzing. Haumea gaat over de herkenning, de herinnering van onze identiteit. Zoals een vis in oorsprong de kwaliteit van zwemmen in zich heeft en zich daardoor nooit echt de kwaliteiten van een giraffe kan toe-eigenen, zo bezit onze oorspronkelijke zelf bepaalde kwaliteiten. Diep van binnen zit de waarheid, je kunt je afkomst misschien vergeten maar nooit verliezen. Er komt een moment dat de herinnering weer komt bovendrijven nadat je laag voor laag aan vernis hebt verwijderd. Maar alleen wanneer je bereid bent op zoek te gaan naar je echte zelf.


2: Zelferkenning 

(uit de serie: emotionele betrokkenheid)

Wanneer het niet lukt om op een bepaald vlak succesvol te zijn, kun je het gevoel hebben niet te voldoen aan de eisen. Tegen beter weten in blijf je dan misschien toch je best doen of op zoek naar manieren om je gevoel van tekortkoming te overwinnen. Anderen laten in een dergelijk geval zelfs hun hoofd hangen. Voor beide gevallen geldt: je ondermijnt je eigen kracht! Je bent teveel gefocust op je onkunde en ziet je ware talent over het hoofd.
Iedereen kan tegen de grenzen van zijn of haar mogelijkheden aanlopen. Het getuigd van moed en niet van zwakheid als je erkend wanneer iets niet zo jou ‘ding’ is. Als iets niet goed wil lukken, kan dat komen omdat jouw talent zich op een andere vlak bevindt: niemand is perfect.
Wanneer je nee zegt en dus je eigen grens aangeeft, is dat geen erkenning van mislukking (sommige hebben het gevoel dat ze ja moeten zeggen, omdat nee wijst op het niet capabel zijn), maar juist een erkenning van eigenwaarde. Het is maar hoe je er tegen aan kijkt.
Erkennen wie je bent, waar je kracht ligt en daar vervolgens bewust aan vasthouden (erop vertrouwen dat jouw specialiteit een kwaliteit is), is een van die lastige lessen in het leven. Vooral wanneer je niet weet wie je bent en wanneer je daarbij ook nog eens last hebt van zelfkritiek.
Je hoort wel eens de uitspraken: Iedereen is te vervangen. Voor jou, tien anderen. Deze uitspraken wil ik graag (voor een deel) tegenspreken. Wanneer een bepaalde activiteit jouw unieke kwaliteit benadrukt dan geeft niemand anders op precies dezelfde manier inhoud aan deze activiteit. Net zoals er meerdere schilders zijn, is er maar één Rembrand en zo is er maar één Picasso. Beide mannen waren goed in de schilderkunst maar bezaten ieder hun eigen schilderstechnieken. Zelfs al zet je twee natuurtalenten naast elkaar ze zullen nooit exact dezelfde creaties voortbrengen.
We kunnen talent kopiëren, we kunnen ons met een ander vergelijken, we kunnen schilderlessen volgen, toch zullen wij nooit Vincent van Gogh worden. Precies zo is het ook met onze eigen getalenteerdheid: er is maar één jij! Ieder is koning of koningin op zijn eigen terrein en vanuit dat gezichtspunt ben jij dus onvervangbaar.
Er kunnen mensen zijn die een bepaalde taak op hele natuurlijke manier uitvoeren en daardoor beter presteren dan jij. Niet omdat ze beter geschoold zijn of omdat ze meer ervaring hebben, maar gewoon omdat ze het nu eenmaal meer in zich hebben. Omdat die taak zeg maar meer hun ding is. Eigenheid is onvervangbaar. Hoe hard je ook je best doet om zo’n natuurtalent te evenaren.
De bovenstaande uitspraak (Iedereen is te vervangen. Voor jou, tien anderen) klopt wel wanneer je werk verricht die niet vanuit je hart worden ingegeven. Dus wanneer iets zonder liefde wordt uitgevoerd. Bijvoorbeeld wanneer jij je handelingen niet bedekt met een persoonlijk sausje, wanneer je dingen doet vanuit een gevoel van plichtmatigheid en routine, omdat het moet. Uiteindelijk draait het allemaal om een stukje persoonlijke betrokkenheid, eigen inbreng en passie.
Dit betekent overigens niet dat je niet open kunt staan voor activiteiten waar je niet zo bedreven in bent. Kwaliteiten kunnen zich gedurende de tijd best ontwikkelen en ook als iets niet zo goed lukt, kun je er plezier aan beleven. Van belang is dat je dan wel eerlijk bent tegenover jezelf en erkent wie je bent en welke natuurlijke eigenschappen bij jou horen. Zo is een vos nu eenmaal in staat een haas te vangen en niet andersom. Daarbij is zo dat wanneer je goed bent in het één het zo kan zijn dat je (onbewust) voor het andere de lat net zo hoog legt. Wanneer iemand echter zijn eigen beperkingen niet accepteert en tegelijkertijd zijn kwaliteiten niet erkent, loopt hij de kans onnodig gefrustreerd te raken.



3: Verraad

*Haumea wijst op het belang om je te herinneren wie je bent. Zij wijst je op je goddelijke afkomst en de magische krachten die je tot je beschikking hebt. Hieronder een artikel met betrekking tot het omgaan met verraad.

Emotioneel betrokken zijn bij iemand, betekent voor mij dat je met iemand meevoelt en meebeweegt met diens behoeftes. Je stemt als het ware op iemand af en reageert vervolgens vanuit dat wat je voelt bij de ander. Door je af te stemmen kun je voor de ander zorgen, je staat klaar om iemand op te vangen of om de ander precies dat te geven, zodat deze zijn/haar taak zo goed mogelijk kan volbrengen. Tevens kun je de ander alle vrijheid geven om te zijn, om zichzelf te vestigen en zelf ergens een stempel op te drukken. Je stuurt zeg maar aan op zelfredzaamheid. Denk hierbij aan de opvoeder, de leerkracht, de leidinggevende, de chefkok, de verpleegkundige, de dokter, de regisseur, de therapeut, de goede vriend of vriendin enzovoorts.
Er kunnen echter problemen ontstaan wanneer de ander geen inzet toont. Wanneer de ander dus als het ware ‘uit’ staat. Er kan innerlijk een irritatie ontstaan wanneer jij je in zo’n geval uit empathie teveel op de vlakte houdt, terwijl de ander het zelfbeschikkingsrecht beschouwt als een vrijbrief om niets te doen. Wanneer de ander het voor jou gevoel laat afweten, kan de teleurstelling groot zijn. Je kunt je afgewezen voelen, in de kou gezet. Je verwachtte mogelijk daadkracht, je verwachtte mogelijk dat de ander de schouders eronder zou zetten om samen met jou het schip door de golven van de oceaan van het leven te loodsen. Dit kan soms een valse verwachting blijken te zijn. Je kunt er namelijk niet altijd automatisch vanuit gaan dat de ander zich slagvaardig opstelt en de uitdaging aangaat om doelmatig samen te werken.

Naast een ontvangende opstelling (betrokkenheid tonen), is het ook belangrijk om te ‘zenden’. Om de ander je verwachtingen duidelijk te maken en grenzen aan te geven, zeker wanneer blijkt dat de ander de ruimtelijke vrijheid te breed opvat en dus het beoogde doel dwarsboomt. Als anderen hun verantwoordelijkheid niet nemen, betekent het namelijk niet dat jij dan ook de verantwoordelijkheid maar uit de weg moet gaan. Of anders gezegd: als een ander ‘uit’ is, betekent dit niet dat jij het licht dan ook maar uit moet doen.
Ontvangen is één ding, je autoriteit neerzetten is van een andere orde. Je kunt een zwakte in je afweer ervaren en uit angst voor de kracht van de ander jouw belang op de achtergrond schuiven. Je kunt bijvoorbeeld bang zijn om tegen de ander in te gaan, bang om niet opgewassen te zijn tegen het (ego)belang van de ander. Maar het kan ook zijn dat je te goed van vertrouwen bent of bang bent om zeurderig over te komen. Om al dat soort redenen kun je het belang van de ander zwaarder laten wegen dan het hogere of algemene belang. Van binnen veroorzaakt dit dan echter wel spanning, stress en irritatie.

Stress en irritatie omdat de ander geen inzet en medewerking vertoont, kan zeer heftig zijn, maar wanneer dit uitmondt tot verraad, dan komt de pijn op een ander ‘level’. Verraden worden door je naasten slaat een gat in je binnenste, een gat in je energiesysteem. Een gat dat zich maar moeilijk laat helen. Wanneer het verraad vervolgens gedurende lange tijd wordt meegezeuld, zonder dat wij expressie (kunnen of durven) geven aan onze autonomie (autos staat voor zelf en nomos staat voor wet), dan zal de energetische blokkade die dit veroorzaakt het zelf beperken om volwassen te worden, om tot wasdom te komen. Verraad overschrijdt de grens van de kosmische orde, de wet van liefde. Het betekent de doodsteek voor de eenheid. De verbinding wordt verbroken, de heelheid valt uiteen. Verraad is daardoor moeilijk te verteren en onmogelijk te negeren. Het kan dan ook alleen geheeld worden wanneer we onze plaats in de autos & nomos gaan innemen. Wanneer we zelf werkelijk ‘aan’ gaan en onze ego ontstijgen.
De ziel staat voor de heelheid, het ego voor de verdeeldheid. Onze ware aard (=liefde). Noem het zenden van de ziel dan ook geen wraakneming, noem het geen vergeldingsactie, maar noem het bewustzijn. Het goddelijke zijn. Zijn houdt in dat we zowel ontvangen (de ervaring toelaten, voelen) als zenden (uitdrukking geven aan de ervaring en aan datgene wat we voelen).
Zenden is overigens niet hetzelfde als vechten. Vechten tegen het verraad van onwilligen is zinloos. Er zullen echter velen zijn die dit laatste niet zullen geloven en tegen deze gedachte in opstand komen en in de weerstand schieten. “Hoezo zullen wij ons neerleggen bij de vernietigingsdrang van het ego? Hoezo zullen wij het kwaad laten winnen van het goede? Dienen wij niet alles wat in onze macht ligt om kwaadwillenden tot rede te brengen? Moeten wij de onwilligen niet proberen tot bewustzijn te verleiden?” Ja en nee. Tot op een bepaalde hoogte kunnen wij inderdaad proberen om onwil tot rede te brengen. Maar wanneer de wil van het ego onverbiddelijk is, is er volgens mij uiteindelijk maar één ding wijs om te doen: ophouden met redden en: loslaten.
Er bestaat zoiets als de kosmische wet van de vrije wil. Als iets of iemand daarom jouw gevoel niet wil erkennen, jouw waarheid niet wil horen en erop uit is om het goede (uit onwetendheid en zijn/haar krampachtige overtuiging) te vernietigen, dan is vechten zinloos. Het zelf is niet opgewassen tegen de penetrerende kracht van de vernietigingsdrang. Misschien een vreemd voorbeeld maar denk hierbij aan de computerhacker. Wanneer hackers een computersysteem willen aanvallen, dan is het niet een kwestie of het ze lukt maar eerder: wanneer het ze lukt. De volhouder wint en zo is het ook met de wil van het ego. Wanneer deze uit is op vernietiging dan is daar geen kruit tegen gewassen. Wannneer het ego heeft besloten de ogen en oren te sluiten voor de roep van de hogere wijsheid, dan houdt het simpelweg op. Wanneer iemand erop uit is om de goede wil te ontkennen (alles heeft uiteindelijk te maken met erkenning) en blijft volharden in een gekwetste staat van zijn, kun je best proberen iemand op andere gedachte te brengen. Je kunt smeken, je kunt lobbyen maar wanneer de onwillige blijft volharden in zijn/haar overtuiging en ware wijsheid blijft aanvallen, dan houdt het op. Je kunt dan maar één ding het beste doen en dat is het dwingende verlangen om de ander te ‘bekeren’ (tot inzicht te brengen) los te laten. Dit is overigens beslist niet hetzelfde als ‘uit’ gaan. Eerder schreef ik: als een ander ‘uit’ is, hoeft dit niet te betekenen dat jij (en je verstand) het licht dan ook maar uit moet doen! Hierin zit de grote les voor de mensheid! In het de geschiedenis van de aarde zijn er veel mensen ‘uit’ gegaan. Zij hebben het innerlijk licht vanwege de traumatische ervaring van verraad gedoofd. Het verraad was te groot om te dragen en de pijn te zwaar om te voelen.

In de aardse realiteit vormen drie principes een drie-eenheid: lichaam, geest en ziel. Wanneer de wil van het ego, dat verbonden is met het aardse (dus met het lichaamsprincipe), niet wil samenwerken met de wil van de ziel, dat verbonden is met het hemelse, dan kan het aardse zichzelf vernietigen. De geest (het verstand) die ertussen staat kan proberen te bemiddelen en het ego proberen tot rede te brengen. Zo kan de geest de boodschap van de ziel proberen over te brengen en als het ware op aarde brengen. Maar als er vanwege rede onvatbaarheid en kosmische wetteloosheid de eenheid niet bereikt kan worden, dan zit er voor het verstand (de geest) maar één ding op en dat is: komen tot een wijze keuze en kiezen voor het loslaten van de strijd (stoppen met het ego te overreden om tot bewustzijn te komen). Of om in meer religieuze termen te spreken: het lichaam af te leggen (symbolisch bedoeld). De geest kan echter ook besluiten om tegen beter weten in te blijven vasthouden aan de hoop op redding van het ego, of het kan besluiten helemaal niet te kiezen. Komt de geest echter niet tot een heldendaad, maar blijft het een zwevende kiezer dan raakt het afgesneden van de ziel (de eeuwige eenheid). De geest doet er in zo’n geval verstandiger aan om te kiezen voor de heelwording en op te gaan in de ziel door zijn plaats in de autos & nomos in te nemen. Dit is de weg van het aan gaan in plaats van uit gaan.

 

Praktijk voor astrologie