Quaoar: de zingeving

Quaoar

Transformatie van het lijden is een gemeenschappelijk thema van de Plutoïden. Er zijn verschillende oorzaken die het lijden in stand kunnen houden. Quaoar gaat over de machteloosheid die ontstaat door de afwezigheid van hoop. Want wat is de zin van iets nieuws creëren, je dromen leven, je ideeën verwezenlijken als alles uiteindelijk toch weer wordt vernietigd? Quaoar gaat over de transformatie van gevoel van de zinloosheid. Quaoar gaat over pessimisme en de depressie die daaruit voortkomt. Hij wijst de wereld op het belang van het eigen inbreng en het in beweging brengen van levensenergie. Vanuit de beweging ontstaat de creatie. 

Quaoar gaat over het gebrek aan vertrouwen in de creativiteit die wij bezitten (om dromen te verwezenlijken en nieuwe werelden te scheppen). Quaoar gaat over de depressie die voortkomt uit een oordeelvellend ego dat het tot leven blazen van een nieuwe werkelijkheid afwijst. 

Hieronder drie teksten over dit thema:

 

1. De les van Quaoaor

Quaoar staat naar mijn beleving voor het verlangen van het hogere zelf dat nieuw leven wil blazen binnen een bepaald levensgebied, om zo de bestaande windrichting te veranderen. Een te grote nadruk op het zuiden, verwaarloost de boodschappen afkomstig uit het noorden. Hetzelfde geldt ook voor het oosten en het westen. Iedere windrichtingen dienen als het ware in een goede verstandhouding met elkaar te communiceren. Polariserende krachten kunnen elkaar tegenwerken, maar indien ze samenwerken, kunnen ze elkaar juist bekrachtigen. Wanneer ze dat niet doen, dan ontbreekt het aan samenhang en wordt de weg naar het ware geluksgevoel geblokkeerd.

Quaoar staat voor het verlangen om tegengestelde polariserende krachten te bundelen, om op die manier een nieuwe beleving te creëren, een ontvankelijkere wereld. We moeten zinloosheid van ooit ontstane patronen echter wel eerst uit eigen beweging willen doorbreken. Het vergt dus een portie wilskracht om de wind van wijsheid in gang te zetten.


2: Hoop op verandering

Het doorbreken van de weerstand en het scheppen van een nieuwe beweging is verbonden met het thema van Quaoar. Als het je lukt om de energie van de hoge wijsheid in gang te zetten kun je stilstand in de levenservaring: starre patronen, uitzichtloze situaties, geblokkeerde levensenergie transformeren. Quaoar gaat bijvoorbeeld over de machteloosheid die ontstaat door de afwezigheid van hoop. Waarom iets moois scheppen, waarom kiezen voor het leven als het door de omgeving wordt teniet gedaan? Wat is de zin van iets nieuws creëren, je dromen leven, je ideeën verwezenlijken als de nieuwe ervaring toch weer wordt vernietigd?
Wanneer wij ons willen verlossen van stress (het lichaam ervaart weerstand om te zijn waar wijsheid is) moeten wij werken aan het oplossen van deze weerstand. We moeten de angst voor een verkeerde afloop durven om te zetten in hoop. Hoop is de positieve verwachting dat er uit iets nieuws iets moois kan ontstaan.

‘s Ochtends vlak na het ontwaken, staat mijn bewustzijn het meest op scherp. Soms word ik wakker met een idee, een diepgaand weten waarvan ik de innerlijke noodzaak voel om het op schrift uit te werken. Al een aantal keren heb ik echter gemerkt dat ik direct na het ontwaken in mijn hoofd bevind en dat is eigenlijk niet de plek waar ik wil zijn. Ik wil ontspannen, uitgerust wakker worden en in de ervaring van het hier en nu zijn, maar mijn geest houdt er blijkbaar een eigen agenda op na.

Hebben we allemaal niet weleens momenten dat het lichaam hier wil zijn (in feite hier is) maar dat gedachtes je meeslepen naar een wereld vol ideeën, concepten, taal en symbolieken. Wanneer het lichaam ergens is waar de geest niet wil zijn, ontstaat er een disbalans tussen lichaam en geest.
Hoe meer onze geest zich tegen de omstandigheden van de realiteit verzet (omdat het verlangt ergens anders te zijn), hoe minder innerlijke kalmte we zullen ervaren. Tevens is het zo: hoe hopelozer onze omstandigheden, hoe depressiever we ons kunnen voelen. Uiteindelijk kunnen we zelfs het dromen opgeven. Deze gevoelstoestand (die we kunnen verbinden met het thema van Quaoar) laat zich ongeveer als volgt omschrijven: hopeloosheid vanwege uitzichtloosheid. Gebrek aan motivatie of enthousiasme: apathie. Verveling als reactie op het bestaan (de maatschappelijke situatie) waarin men zich bevindt. Het zwarte, sombere gat van het roerloze, zinloze bestaan. De omstandigheden hebben je buiten het speelveld geplaatst. Je zit je tijd uit en wacht tot er iets gebeurt waardoor je nieuwe kansen, nieuwe mogelijkheden kunt scheppen. Tot die tijd ben je gebonden aan tijd en plaats zonder  rooskleurig perspectief voor de toekomst. Concreet kun je hierbij bijvoorbeeld denken aan: uitgeprocedeerde asielzoekers; vluchtelingen in een tentenkamp wachtend op hulp; werkloze jongeren met een buitenlandse achtergrond, zonder perspectief op werk; ontslagen 50 plussers; eenzame ouderen; mensen met torenhoge schulden; dak- en thuislozen, enzovoorts.

Onze geest  verwerkt ervaringen door deze te vertalen, te ordenen, te labelen, te beoordelen, te onderzoeken, te analyseren, te wegen, te herhalen (herkauwen) om het vervolgens te kunnen verwerpen, te bestrijden, naar buiten te brengen (om reacties te peilen en weer nieuwe informatie te verzamelen), vast te houden of in het geheugen op te slaan. Kortom onze geest (het verstandelijk denken) heeft het er maar druk mee. Soms wat te druk. Het kan echter ook zo zijn dat de geest een beetje lui is en zich het er gemakkelijk van af maakt. Om het hoofd opgeruimd en leeg te houden (en omdat het minder energie kost), kan onze geest informatie terzijde schuiven of ergens direct een label aan hangen. Het verstand loopt overigens vaak achter of vóór de feitelijke gebeurtenissen aan (de ervaring heeft al plaatsgevonden of is een idee dat in het hoofd is ontstaan en nog niet werkelijk heeft plaatsgevonden). Het verstand is dus veelal bezig met zaken die buiten het heden liggen.
Dit is geheel anders dan het lichaam. Deze bevind zich altijd in het heden, het heeft geen andere keus. Waar onze geest uit het moment kan verdwijnen, is dat voor het stoffelijk lichaam onmogelijk. Ons lijf blijft altijd in het hier en nu. Toch zitten we niet altijd in ons lijf. Of anders gezegd: we kunnen ons lichaamsbewustzijn op een afstand houden door de gevoelservaring die nu plaatsvindt te negeren of weg te drukken. We vluchten dan het hoofd in, naar een wereld van getallen, cijfers, concepten en idealen. Wanneer gedachtes ons in beslag nemen, dan zitten we dus in ons hoofd. We zitten in ons hoofd wanneer we beelden, concepten, vormen en ideeën die als informatie voor ons geestesoog verschijnen in ons hoofd proberen te verwerken. Hoewel deze mentale wereld heel reëel kan lijken, is deze niet reëel. De reële wereld kunnen we wel via het lichaam gewaarworden, als mens biedt de fysieke ervaring onze enige zekerheid.

Het lichaam verlangt bestaanszekerheid. De behoefte van het lichaam is: overleven. Dit kan de behoefte van de ziel: leven (of zijn) in de weg staan. De staat van zijn vraagt om vertrouwen, rust en balans. Maar als het lichaam angst bij zich draagt, kan het niet vrijelijk de ruimte nemen om ontspannen en vol vertrouwen te zijn. Emoties die niet door de trechter van het verstand konden worden gedrukt blijven als een veld van emotionele energie verbonden met het lichaam. Het lichaam kan dus pijnlijke ervaring vasthouden, door emoties vast te houden. Deze pijnlijke emoties kunnen onbewust zijn en onder de oppervlakte liggen, diep weggestopt in ons lijf en ons beperken in het zijn. Het kan ons letterlijk ziek maken.
De geest helpt (of doet hiertoe een poging) om als een soort innerlijke bestuurder (manager), de fysieke levensbehoeftes te ondersteunen met wijsheid. Het doel van geest is: uitdrukking geven aan, en het toepassen van kennis (wijsheid). De geest ondersteunt de behoeftes van het lichaam, maar ook die van de ziel. De ziel verlangt ernaar uitdrukking te geven aan levenskracht (liefde). Echter: hoe groter de angst voor het leven, hoe groter de kramp (aangegeven door Pluto), hoe meer de behoefte van de ziel onder druk komt te staan en het thema overleving de aandacht zal opeisen. In onze geest is er dan geen, of niet voldoende ruimte om het verlangen van de ziel in wijsheid te ondersteunen.
De ziel wil graag uitdrukking geven aan het leven en gebruikt hiervoor lichaam en geest als middel. Echter: hoe voller ons hoofd met angstige gedachtes en hoe zwaarder ons lichaam wordt belast met emotionele bagage, hoe lastiger het voor de ziel is om luid en duidelijk door te breken.

Ons verstand kan nog zoveel willen sturen, nog zo hard roepen dat we iets moeten en nog zo hard proberen druk uit te oefenen, uiteindelijk bepaalt het lichaam of het aan de roep van het verstand gehoor kan geven. Ik zeg hier expliciet kan, want het lichaam wil misschien best samenwerken, maar kan het gewoon niet altijd vanwege de weerstand die het ervaart. Het lichaam kan blijven steken in een oud patroon, ook al klinken de woorden van het verstand nog zo verstandig. Angst kan de fysieke beweeglijkheid blokkeren waardoor de levenservaring in de basis niet kan veranderen. Als op fysiek niveau de weerstand niet wordt opgelost, kunnen patronen niet worden doorbroken. Hoe frustrerend soms ook voor het verstand, uiteindelijk heeft het lichaam de touwtjes in handen. Wij ervaren het leven via het lichaam. Alles ontvangen we met behulp van onze zintuigen en werkt in op ons gevoel. Alleen het lichaam is zich dus bewust van hoe ervaringen voelen en ons verstand heeft in die zin soms door de door de ogen van het lichaam makkelijk praten.
Ons lichaam bepaalt uiteindelijk of en hoe het zich overgeeft aan de levenservaring die geleefd wil of moet worden. Wanneer angst dusdanig in de weg staat kan dit zelfs tot gevolg hebben dat het lichaam zich schrap zet (zichzelf uitschakelt) en op die manier de omstandigheden dwingt te stoppen met vernieuwen. Levenservaringen (omstandigheden) kunnen namelijk dusdanig op ons inwerken dat we ons gevoelsmatig voor het blok gezet voelen. De omstandigheden kunnen het lichaam dwingen tot het (opnieuw) aangaan of onder ogen komen van weerstand en angst.

Stress wordt veroorzaakt omdat lichaam en geest niet op één lijn zitten. Het verstand wil de ervaring sturen, wil het lichaam ergens naartoe bewegen maar dat lukt niet. Er is fysieke weerstand tegen verandering, tegen het aangaan van de ervaring. Voor het verstand gaat het allemaal niet snel genoeg of het merkt niet voldoende controle en macht te hebben over de omstandigheden en kan vervolgens de druk opvoeren. Meer gedachtes opwerpen bijvoorbeeld en met allerlei oordelen, meningen en argumenten komen om het lichaam maar aan te zetten tot beweging.
Om de stress te elimineren en de crisis aan te pakken moet onze geest dan ook getraind worden. Leren om niet zo te pushen en stil te staan, kalm te blijven en zonder oordelen te luisteren naar het gevoel. Let maar eens op als je stress ervaart. Wat ervaart en zegt die stem in je hoofd? Is het gefrustreerd omdat je fysiek nog hier bent terwijl het verstand hier niet wil zijn?
Het verstand kan wijze dingen roepen, maar innerlijk kunnen we weerstand ervaren om daadwerkelijk te luisteren. Op die manier kunnen wij te lang vast blijven zitten in een bepaald patroon, vasthouden aan een idee, aan vormen, aan situaties die eigenlijk uitzichtloos zijn. Zo kunnen we bijvoorbeeld een relatie tegen beter weten in langdurig in stand houden of een baan niet opzeggen uit angst voor de materiële gevolgen. Emoties kunnen ons gevangen houden binnen de ervaring en het verstand kan dan nog zulke wijze dingen zeggen, we kunnen pas daadwerkelijk in beweging komen wanneer het lichaamsbewustzijn gewekt wordt. De omstandigheden moeten ons zeg maar letterlijk tot inzicht brengen en ons tot het besef laten komen dat het nu  tijd is om gehoor te geven aan wijsheid en een beweging te maken, een stap te zetten in een poging een patroon te doorbreken (uit eigen beweging iets in gang zetten is het thema van Quaoar). Zolang het lichaam echter opereert vanuit een oud programma gebaseerd op angst en overleving, kan het niet openstaan voor het verlangen van de ziel om uitdrukking te geven aan levenswijsheid.


3: Ontspanning komt niet vanzelf aanwaaien

Het kost enorm veel inspanning om spanning vast te houden. De eerste logische gedachte is misschien: mediteer, doe aan sport, aan yoga, ga op vakantie of beoefen een hobby en laat alles los. Deze bovenstaande bezigheden kunnen inderdaad ontspannend werken en een bijdrage leveren aan meer innerlijke rust, maar het loslaten van dieperliggende spanningsvelden lijkt toch niet zo heel eenvoudig op te lossen met een uurtje yoga. Het kost tijd en energie (inspanning dus) om spanningen los te laten. Dit geldt zeker voor spanningen die door één of andere magnetische kracht in het lijf lijken te zijn vastgezet.
Een spanningsveld kan een dusdanige zuigende (aantrekkende) werking hebben dat het de hele omgeving meetrekt in verkramping. Energie in ons lijf kan zich samentrekken, zoals een gebalde, samengeknepen vuist ook de spieren in de arm aanspant. Soms kan zo’n samengebalde spanningsveld zich op een plek in je lichaam vastzetten en aan de oppervlakte pijn veroorzaken. Het vergt in zo’n geval een hoop geduld, toewijding en aandacht om deze zwarte wolken in ons lijf te laten oplossen als een klontje suiker in de koffie.
Behalve intern, binnen in ons, kun je soms ervaren dat er rondom een persoon één groot magnetisch spanningsveld is ontstaan. Iedereen die bij wijze van spreken in de buurt komt, kan er van langs krijgen of worden meegezogen in een negatieve sfeer. Het vergt veel kracht om in zo’n geval het hoofd koel te houden. In het groot komen zulke spanningsvelden ook voor in het energieveld van bijvoorbeeld een cultuur of een land en zij kunnen aan de oppervlakte veel leed veroorzaken. We zouden deze absorberende energie misschien wel een beetje kunnen associëren met zwarte draaikolken die als een soort stofzuiger energie aantrekt (opzuigt). Hoe groter bij wijze van spreken dit ‘zwarte gat’, hoe groter de uiterlijke spanning.
Maar voor dit stukje wil ik me vooral beperken op de spanning die zich fysiek manifesteert in de vorm van pijn.
Op de site van Willem Wever las ik dat bij vrouwen ongeveer de helft van het lichaam uit water bestaat en bij mannen is dit zo’n 65%. Een lichaam van een baby bestaat zelfs voor 75% uit water! Ik zocht deze wetenswaardigheid even op omdat toen ik laatst mijn dochter wilde helpen met haar natuurkundehuiswerk, viel mijn oog op de volgende regels:
“Water kan in drie fase voorkomen:
1 vast: ijs, sneeuw, hagel, ijzel, rijp
2 vloeibaar: regendruppels, water uit de kraan
3 gasvormig: waterdamp (onzichtbaar)
Stoffen bestaan uit heel kleine deeltjes, die moleculen heten. Moleculen bewegen en trekken elkaar aan. De fase hangt af van de temperatuur. Hoe hoger de temperatuur, hoe sneller de moleculen bewegen. De afstand van de moleculen wordt groter: de stof zet uit. In de vaste fase is de snelheid van de moleculen zo laag, dat ze alleen maar trillen op hun plek.
In de vaste fase zitten de moleculen in een rooster. In de vloeibare fase bewegen moleculen kriskras door elkaar. In de gasvormige fase bewegen de moleculen ver uit elkaar.”

Aangezien ons lichaam voor een groot deel uit water bestaat, zette deze bovenstaande woorden mij aan het denken. En ik stelde mijzelf de volgende vraag: kan het zijn dat ‘verlichting’ of ‘bevrijding’ (van spanning) zoals ze dat in de Oosterse zienswijze beogen, iets te maken heeft met deze fasen zoals genoemd in de natuurkunde?
Spanning wijst op een vaste, verharde toestand, terwijl ontspanning naar mijn mening duidt op een soepele en flexibele toestand. Het lijkt er dus op dat wanneer wij ons willen verlossen van spanning, wij moeten ‘werken’ aan een faseovergang? Vastzittende energiedeeltjes moeten als het ware eerst van de vaste fase naar de vloeibare fase worden geleidt voordat de spanning (krampachtigheid) kan afnemen. Vervolgens kan in de derde fase kan de spanning verdampen. Uit de natuurkunde krijgen we ook een aanwijzing hoe we dit kunnen bewerkstelligen, namelijk: temperatuurstijging. Inderdaad zien we deze oplossing terug bij middeltjes voor pijnlijke spieren en gewrichten. En ook fysieke beweging (zoals sport of yoga) zorgt voor temperatuur stijging en voor meer soepelheid. Echter, zoals ik hierboven schreef, is voor het loslaten van dieperliggende spanningsvelden volgens mij meer nodig dan een smeerseltje of een uurtje sporten in de week. Waarschijnlijk moeten we voor dieperliggende verhardingen in ons energielichaam de temperatuur op een meer blijvende en constante manier energetisch laten stijgen. Eén van de manieren om dit te bereiken is volgens mij meditatie en inderdaad ook het intensief beoefenen van yoga kan hiertoe bijdrage. Maar ook Reiki (handoplegging), acupunctuur, Homeopathie, diepgaande massages, lichaamswerk, De helende reis, de Healing Code, enz. kunnen ‘licht’ en dus warmte in ons lichaam brengen en de vaste materie, vloeibaar maken en uiteindelijk zelfs gasvormig. De overgang naar deze laatste fase lijkt het lastigst. Maar zoals ik hierboven al schreef: Het kost een hoop (bewuste) inspanning om spanningen los te laten. Er is namelijk niets van buitenaf dat je een bepaalde richting opduwt. Niets dat jou aanspoort om over te gaan tot actie. Je moet het helemaal zelf doen en vanuit je hart in beweging komen, experimenteren en overgaan tot handelen. Je moet zelf de stilte doorbreken en de wind maken die je innerlijk vuur aanwakkert en de temperatuur als vanzelf laat stijgen. Je moet zelf de wind maken en die als een warm briesje uit het zuiden in je energieveld blazen (Quaoar).


 

 

 

 

Praktijk voor astrologie