De naam: Plutoïden

 Wie/wat zijn ze en waarom noem ik de zogenaamde Pluto-achtige planeetjes in mijn artikelen en in mijn boek eigenlijk Plutoïden? Wat is de ‘juiste’ benaming? Voordat ik mijn boek uitgaf heb ik hier lang over nagedacht en verschillende namen overwogen, zoals:

Nieuwe planeten, ook al zijn ze kleiner dan de algemeen bekende planeten en zijn ze dus eigenlijk planeetjes (dwergplaneten). Daarbij zijn ze eigenlijk niet nieuw (ze zijn eerder onbewust) en volgens astronomen zijn ze geen planeet, maar dwergplaneet (erkent of kandidaat-dwergplaneet).

Dwergplaneten, deze naam geeft dezelfde verwarring als de naam Plutoïden, omdat niet alle objecten genoemd in mijn boek  officieel erkend zijn als dwergplaneet.

Trans Neptunische objecten, dit is een verzamelnaam en ik vond het voor mijn boek een wat zakelijke omschrijving voor een te grote groep.

IJsdwergen, een veelgehoorde bijnaam voor deze groep. Deze naam was mogelijk een goede optie.

Plutino’s, dit is echter een benaming voor een specifieke groep hemellichamen in de Kuipergordel. Niet alle kandidaat-dwergplaneten die ik in mijn boek beschrijf zijn Plutino’s, maar sommige zijn bijvoorbeeld Cubewano’s of Scattered disk objects.

Plutoïden, dit zijn alle dwergplaneten die zoals Pluto in een baan buiten die van Neptunus draaien. Niet alle in mijn boek genoemd zijn echter erkend als dwergplaneet en dus ook niet als Plutoïde, maar is het waarschijnlijk wel!
*Het valt overigens op dat het thema erkenning een rol speelt! Dit zie je ook terug in de betekenis.

Pluto bevindt zich binnen het gebied voorbij de baan van Neptunus. Dit gebied wordt de Kuipergordel genoemd. Deze naam heeft het gebied te danken aan de Nederlandse/Amerikaanse astronoom Gerard Kuiper, die in de vorige eeuw op het bestaan van dit gebied wees.
De ontdekking van vele zogenaamde ‘Trans-Neptunische Objecten’ in de Kuipergordel deed een hoop stof opwaaien. Er rezen allerlei vragen op, zoals: Wanneer is een planeet eigenlijk een planeet en aan welke voorwaarden moet worden voldaan? En: voldoen de kleine planeetjes in de Kuipergordel wel aan de criteria? De Internationale Astronomische Unie stelde een definitie vast die het verschil tussen planeten en de Pluto-achtige dwergplaneten moest omschrijven. In 2006 kwamen zij met een definitie naar buiten waarna Pluto gedegradeerd werd tot dwergplaneet. Vervolgens gaf de IAU deze kleine hemellichamen buiten de baan van Neptunus, de naam Plutoïden. Alle dwergplaneten die in een baan buiten die van Neptunus draaien, zoals Pluto, zijn dus Plutoïden. Waarschijnlijk zijn er velen Plutoïden in ons zonnestelsel.
De astrologen worden door  de ontdekking van de familieleden van Pluto echter voor een probleem gesteld, namelijk: er zijn er maar een aantal officieel erkend. Dit zijn Pluto, Eris, Haumea en Makemake. De andere staan wel te boek als kandidaat-dwergplaneet. En wat doe je dan als astroloog die toch graag een naam wil geven aan deze nieuwe groep?
Hoewel niet alle genoemde namen in het boek officieel als dwergplaneet en dus Plutoïde genoteerd staan, heb ik er uiteindelijk toch voor gekozen om de TNO’s (trans neptunische objecten) die ik in mijn boek heb onderzocht, de naam Plutoïden te geven. Het woord Pluto zit erin en ik ervaar ze echt als een groep, als zijnde een kosmische familie met Pluto aan het hoofd.
De toekomst moet uitwijzen of ook de anderen, zoals Huya, Varuna, Ixion, Quaoar, Sedna en Orcus officieel erkend zullen worden als dwergplaneet.

Het is mijn mening dat de genoemde kuiperobjecten tot het genootschap van Pluto gerekend kunnen worden en dat wij ze daarom op soortgelijke wijze astrologisch kunnen duiden. Tevens is het mijn ondervinding dat zij wijsheid uitdrukken en allen op dezelfde transformerende krachten als Pluto drijven. Om die reden geef ik deze TNO’s in mijn boek het voordeel van de twijfel en noem ze Plutoïden, al is het maar omdat ik het vriendelijker vindt klinken dan Trans-Nepunisch Object. Uiteindelijk gaat het volgens mij niet om de naam, maar om de inhoud, om het wezen, de schoonheid en de kracht achter de naam. Precies zoals Romeo dus in het donker in het oor van Julia fluisterde:

„Wat stelt een naam voor? Een roos zou met een andere naam net zo zoet geuren.”

William shakespeare

 

*Zie ook onderstaande link van astronoom Mike Brown http://web.gps.caltech.edu/~mbrown/dps.html