Emotionele betrokkenheid: liefde (thema Makemake)

De meeste mensen hebben weleens gehoord van de zin: Liefde maakt blind. Een uitspraak die verwijst naar hevige verliefdheid waarbij de betrokkenen alleen oog hebben voor de schoonheid in een ander. Minpuntjes worden genegeerd of wegen niet op tegen mooie ogen, kuiltjes in de wangen, de manier waarop er wordt gelachen of een appeltje wordt gegeten. De magnetische aantrekkingskracht tussen twee verliefde personen is enorm en zo ook het verlangen om voortdurend in elkaars nabijheid te verblijven en te worden gekoesterd in diens armen. De ander is als een spot, een schijnwerper die je verlicht en misschien heb je wel voor het eerst in je leven de ervaring te worden gezien.
We kunnen ons echter afvragen of we bij verliefdheid niet in het ootje worden genomen. Houden we onszelf voor de gek wanneer we denken dat we ‘echt’ gezien worden? Is datgene wat we ervaren bij verliefdheid in werkelijkheid niet een soort zinsbegoocheling? Een verliefde persoon wordt immers een gebrek aan realiteitszin verweten. Zwart wit gezegd komt het er bij verliefdheid op neer dat het ‘zwarte’ verdwijnt en het ‘witte’ verschijnt. Al het lelijke verbleekt bij het aanschouwen van de ander zijn/haar pluspunten. Minder mooie eigenschappen zijn in een dergelijke situatie niet opgewassen tegen de meerwaarde van schoonheid. In die zin kunnen we misschien zeggen dat verliefdheid een spirituele ervaring is. We voelen ons  geliefd en terwijl we dronken zijn van geluk voelen we ons (al is het maar voor heel even) ‘verlicht’.
Het is een spirituele zienswijze om het leven met positieve gedachtes tegemoet te treden. Volgens de wet van aantrekkingskracht trekt een sombere gemoedstoestand en een negatieve instelling negatieve situaties aan. Ook de Plutoïde Makemake gaat over het belang van het richten van de aandacht op het positieve. In mijn boek schreef ik bij het hoofdstuk over Makemake: het leven is te kostbaar om je teveel te richten op de zware en sombere kanten van het bestaan. Er is in de sombere donkerte van de dagelijkse werkelijkheid geen ruimte voor verfrissende heldere inzichten, nieuwe mogelijkheden en andere uitgangspunten. Je blikveld wordt vertroebeld en je leven beperkt zich tot een gevoel van eenzijdigheid. Een staat van zijn dat alleen maar licht werpt op de halve waarheid.

Laatst stond er in de Volkskrant (23 mei 2015) een artikel over liefdesverdriet van Marjan Slob. Zij schrijft: “Als je liefhebt, vier je het mooie in de ander. En wanneer iemand jou liefheeft, kun je ook jezelf in een nieuw en beter licht zien. Liefde opent zo een nieuwe, gulle belevingswereld. Samen creëer je een plek waarin jullie je betere zelf kunnen zijn.” Vanuit dit oogpunt heeft liefde te maken met een andere, nieuwe manier van kijken. Je aandacht wordt in een verliefde staat getrokken naar datgene wat de ander puur en volmaakt maakt en boort tegelijkertijd het volmaakte in jezelf aan. Liefde betekent ook dat we de ander totaal en volledig respecteren. We aanvaarden de ander zoals die is en je beziet de ander vanuit het positieve. Het blikveld van een verliefde stijgt dus eigenlijk boven de zwaarte uit, boven beklemmende overtuigingen en misvormde gedachtes van de werkelijkheid. Het is mijn mening dat een verliefde dus wel degelijk ‘ziet’, zij het van een ander (hoger) perspectief. Liefde is in mijn ogen niet volledig blind, integendeel. Verliefdheid opent je hart, je innerlijke gevoelsoog waarmee je recht in iemands ziel kunt kijken. Ik denk juist dat je voor even de waarheid ziet. De waarheid dat wij liefde zijn. Tijdens de staat van verliefdheid word je even een kijkje achter de schermen gegund. Je mag als het ware even ‘binnenkijken’, achter de vele vernislagen van zelfbescherming, achter alle maskers van het ego. Al onze innerlijke onvervulde wensen, mismaakte behoeftes, valse meningen, ideeën over onszelf, onze zelfkritiek lossen als sneeuw voor de zon op.
Jammer genoeg zit er wel een houdbaarheidsdatum aan het euforische gevoel en blijft de poort naar de zuivere dimensie van bewustzijn niet voor eeuwig openstaan. Het is alsof je een ballon opblaast en laat opstijgen maar die vervolgens heel langzaam en geleidelijk weer leegloopt. De staat van verliefdheid geeft je tijdelijke vleugels en wanneer je niet op het moment bent voorbereid dat je vleugels in kracht afnemen, kan de landing op de bodem van de aardse realiteit hard aankomen. Wanneer de poort naar de hemel gesloten is, sta je beide weer op de grond en moet je op eigen kracht die ladder beklimmen. Minder fraaie kanten die in het gewone daglicht ineens op de voorgrond kunnen treden, hoeven echter geen onoverkomelijke struikelblokken te worden. Maar dan moeten beiden zich wel verantwoordelijk, waardig, respectvol en oprecht geïnteresseerd blijven opstellen.
We hebben echter als persoon een ontwikkelingsweg te gaan en het ontsluieren van het ego (het afpellen van alle vernislagen) neemt minstens een heel leven in beslag. Daarbij is het zo: hoe dikker de sluiers, hoe intensiever er werk verricht moet worden om deze te verwijderen. In het gunstigste geval blijf je na de fase van verliefdheid vasthouden aan de waarheid die zich achter de schermen bevindt. Een waarheid die zich tijdens het eerste stadium van opbloeiende liefde (het stadium van verliefdheid) openbaart. Alsof je even aan de nectar van een bloem hebt mogen proeven. Dit innerlijk weten schept een potentie, een doel om naartoe te bewegen. Net als iedere spirituele ervaring kan ook zoiets als een verliefdheid je dus op een spoor van spirituele groei en zelfverwerkelijking zetten.

Verliefdheid haalt ons beschermingsmechanisme neer en het verstand wordt weggedrukt door het gevoel. We laten meer toe, zijn kwetsbaarder en we kunnen in de meeste gevallen inderdaad niet meer zo helder nadenken. Niet integere personen kunnen daardoor misbruik van de situatie maken. Hier in dit artikel heb ik het echter niet over negatieve manipulatieve relaties. Ik heb het hier over spontane, meeslepende en wederzijdse liefdes.
Misschien helpt de uitdrukking ‘liefde maakt blind’ de pijn van liefdesverdriet wat te verzachten om weer door te kunnen gaan met de orde van de dag. De harde landing in de realiteit kan pijnlijk zijn. Vooral in die gevallen wanneer het belang van het ego nog te zwaar weegt en het evenwicht tussen geven en nemen ver te zoeken is. We kunnen onszelf na een mislukte liefdesrelatie verwijten dat we door de ziekmakende verliefdheid te blind van vertrouwen zijn geweest. Wanneer we van de koude kermis thuis zijn gekomen is het misschien gemakkelijker toegeven dat we ons blootstelden aan bedrog, omdat we vanwege de verliefdheid niet toerekeningsvatbaar waren. Eenmaal met beide benen op de grond is het misschien gemakkelijk te geloven dat we vanwege die blindheid niet in staat waren om de hele waarheid te zien. Als een echte romanticus hou ik mij persoonlijk liever vast aan het idee dat verliefdheid harten opent. Ik weet: niets is zo zuiver, zo puur als de hele waarheid die zich in het hart bevindt. Een gesloten hart schept een onwetende geest. Liefde schept bewustzijn en ware liefde maakt volgens mijn beleving niet blind. Tijdens de fase van verliefdheid wordt het hart geopend en een tipje van de sluier opgelicht. Ineens kun je je dan pats boem bewust worden van de hele (en dus niet van de halve) waarheid.

Emotionele betrokkenheid: onthechting (thema Huya)

Als ik van iemand niet krijg waar ik op hoop, moet ik deze persoon dan negeren of laat ik mij in zo’n geval leiden door het gezegde: oog om oog, tand om tand? Liever breng ik de ander tot inzicht, maar hoe pak je zoiets aan? Wat is wijsheid? Dit is een puzzel waar ik niet zomaar uitkom. Wat zou een wijze meester hierover zeggen? Confusius een leraar uit het oude China was van mening dat iedereen van nature gelijk was. Zijn gulden regel: Behandel anderen nooit op een manier waarop je zelf niet behandeld wilt worden. Karen Armstrong schrijft over de leer van Confucius in haar boek (in naam van god, religie en geweld) dat een rechtvaardig persoon (Junzi = edelmoedig mens) in zijn hart moest kijken en ontdekken wat hem pijn deed en vervolgens in alle omstandigheden weigeren iemand anders pijn te doen. Maar ja, hoe ver ga je in je loyaliteit als een ander jou respectloos tegemoet treedt?
Confucius vond overigens dat je respect moest hebben voor je meerdere en dat je van hen mag verwachten dat zij hun positie niet misbruiken. Maar wat nu als iemand niet loyaal is? Wat als de ander ons geen blik waardig keurt? We voelen ons niet graag in de kou gezet door degene van wie zorgzaamheid en betrokkenheid verwachten. Moeten we in zo’n geval op zoek gaan naar een surrogaat vuur en met goede moed het verlangen aan emotionele binding de rug toekeren?

Veel mensen raken teleurgesteld wanneer blijkt dat de ander, van wie ze genegenheid verlangen, hen niet ziet staan. Wanneer de liefde onbeantwoord blijft, kan er een gemis van leegte in ons binnenste rondwaren. In zo’n geval is het hart erbij betrokken en komt het verlangen aan binding voort uit lijden. In plaats van zelfstandig, vrij en vervuld zijn we in zo´n geval afhankelijk en onvrij. Uit ‘hongersnood’ kunnen we gaan bedelen om aandacht, zorg en liefde.
Het verlangen naar zorgzaamheid loslaten, kan lastig zijn en soms zelfs onmogelijk. Zo kan een werknemer, die uit verantwoordelijkheid voor zijn gezin het hoofd boven water probeert te houden, het heel lastig vinden om het inkomen op te geven, ook al zijn de verhoudingen met de werkgever slecht. Zo is het bijvoorbeeld niet voor iedereen gemakkelijk om een agressieve partner de rug toe te keren wanneer je financieel onzelfstandig bent of samen kinderen hebt.
Wanneer de ander die binnen de relatie een bepaalde machtspositie heeft niet die rijk gevulde emotionele voedingsbodem blijkt te bezitten waar jij op rekent dan kan dit je angst en gevoel van instabiliteit vergroten. In dat geval moet je vertrouwen en bouwen op iemands genegenheid terwijl deze in feite niet betrouwbaar is.

Op Wikipedia staat te lezen: “Volgens het confucianisme heeft een rechtvaardig persoon het recht om te rebelleren tegen onrechtvaardige heersers, omdat die op dat moment hun plichten niet nakomen en dus de onderlinge relatie niet wederkerig is.”
Zoals gezegd vond Confusius echter ook dat we anderen nooit op een manier mogen behandelen waarop je zelf niet behandeld wilt worden. Aandacht afdwingen door geweld te gebruiken, lijkt mij dus geen hogere wijsheid. Daarbij vond Confusius respect en ontzag voor je meerdere belangrijk.
Misschien is het daarom wijzer te rebelleren door te onthechten (het onderwerp van ons verlangen en de behoefte aan diens genegenheid de rug toe te keren). Dit dan echter wel op een dusdanige manier dat dit niet neigt naar het oog om oog en tand om tand principe… We zouden ons misschien ontvankelijk en toegeeflijk kunnen opstellen terwijl we ondertussen op zoek gaan naar anderen waaraan we kunnen hechten en intimiteit mee kunnen delen.
Vluchten in een of andere dwangmatigheid kan een manier zijn om met kilheid om te gaan. Wanneer het verlangen naar emotionele binding met een bepaalde persoon niet lukt, kunnen we namelijk vanuit een gevoel van leegte onze afhankelijkheid in stand houden door verslaafd te raken aan zoiets als genotsmiddelen. Uit behoefte aan vervulling kunnen we onze dorst lessen door ons aan iets of iemand vast te klampen.
Het vinden van een surrogaat dorstlesser biedt overigens niet zomaar een kant en klare oplossing. De smaak evenaart niet altijd het oorspronkelijke. Zo kan een persoon, ondanks alles, op nummer één staan. Ook al krijg je misschien nog zoveel liefde en aandacht van een ander, de behoefte aan verbinding met juist die ene persoon kan blijven doorsudderen (ook al weet je verstandelijk dat de relatie uitzichtloos is).

Stilstaande energie gooit de rem op de natuurlijke wisselwerking in het leven. Het vertraagt processen, bemoeilijkt de uitwisseling van contact en het houdt vernieuwing tegen. Stilstaande energie verspreidt zich niet en is als stilstaand water in een gesloten fles. Met een dichte dop op de fles blijven de glazen leeg. Het gevoel als een lege beker te zijn, creëert een gevoel van machteloosheid. Je verlangt naar vervulling maar je hebt geen macht over het levensgevend water in de dichte fles. Net als bij een kind dat voor een dichte snoeppot staat en de zoetigheid niet mag aanraken.
Wanneer wij iemand positieve aandacht geven en met positieve emoties tegemoet treden dan laden wij de ander met positieve energie. Wanneer wij echter negatieve emoties uitzenden of emotionele betrokkenheid afwijzen (dus geen emotionele aandacht geven), kan de ander dit als afwijzing of zelfs verstoting ervaren. Wanneer je in deze laatste situatie zit en je de pijn van de afwijzing wilt doorbreken, zit er niets anders op dan je verlangens los te laten. Je zult vroeg of laat tot het besef moeten komen dat je mogelijk kunt wachten tot je een ons weegt. Wanneer iemand niet in staat is iets van zichzelf te schenken, moet je je bij de situatie neerleggen. Langdurig en hard trekken aan een gesloten deur is zinloos. Hoe graag je het ook wilt de liefde zal naar verwachting onbeantwoord blijven (tenzij de persoon in kwestie een draai van 180 graden maakt, iets wat niet onmogelijk is maar je kunt er niet vanuit gaan).
Ophouden met trekken aan een gesloten deur hoeft overigens niet te betekenen dat je de ander de rug toekeert. In het positieve geval kan de relatie gewoon voortbestaan, dit echter vanuit een gevoel van belangeloosheid en zonder te hechten aan de uitkomst. Je kunt zorgzaam zijn, respectvol en gericht op iemands welzijn zonder iets terug te verwachten. Hoe pijnlijk het misschien ook is: volwassen zijn (of worden) betekent nu eenmaal onafhankelijk zijn en de eer aan jezelf houden. Een onafhankelijk en edelmoedig persoon zal het uitzicht verkiezen boven het uitzichtloze. Wanneer de ander jou geen warm hart toedraagt, doe je er goed aan (hoe moeilijk dit ook is) om uit zelfrespect geen waarde te hechten aan genegenheid dat er niet is. Iets wat er niet is, heeft immers geen waarde en waarom zou je langdurig een hoge prijs betalen voor iets dat geen waarde heeft?