Het Ego

Het ego is de vorm die wij aannemen en waarmee we ons tonen naar de buitenwereld, maar ook naar onszelf. Het is het spiegelbeeld in de spiegel. Het ego is als een schelp, of als de bestuurder van een voertuig waarmee we ons verplaatsen, waarmee we ons bewegen. Misschien is het voertuig heel groot, opvallend van kleur en heeft hij veel laadruimte of misschien is hij juist heel klein of zit hij vol deuken? Misschien is het voertuig een snelheidsduivel of pruttelt het op de weg?
Het ego is datgene waar we ik tegen zeggen. Je kunt bijvoorbeeld over jezelf zeggen ik ben: groot; sterk; snel; energiek; mooi; futloos; onzichtbaar enz. Maar is dat wat wij ik noemen wel de hele waarheid? Is dat alles? Zijn wij niet meer dan een optelsom van eigenschappen, kwaliteiten, angsten en onzekerheden? Zijn wij niet meer dan een grote laadruimte, onze gevarenlichten of de deuken in de zijkant? Want wie is de man of vrouw achter het stuur? Wat drijft deze bestuurder om zijn of haar auto op een bepaalde manier te laten rijden? Hoe alert, hoe wakker is deze persoon eigenlijk? Kunnen wij kiezen of staan we gewoon iedere dag met verstand op nul, op standje automatische piloot op de weg? Wat ‘bezielt’ die bestuurder eigenlijk? Is er sprake van energie achter de vorm? Achter het ego? Of zijn wij gewoon als robots en reageren we vanuit onze vorm, onze optelsom van eigenschappen, levenservaringen en automatische patronen op onze omgeving?
Ego staat gelijk aan de vrije wil van de persoonlijkheid, het individu. Als iemand zich echter alleen maar laat leiden door de (vrije?) wil van zijn persoonlijkheid, raakt hij in feite het contact kwijt met de oorspronkelijke bedoeling van zijn leven. Hij vergeet zijn droom, zijn oorsprong, zijn puurheid en raakt verstrikt in het aardse, materialistische leven. Mensen kunnen zich identificeren met het ego. Stellen het gelijk aan hun ware zelf alsof het vaststaande eigenschappen betreft die hun ik-zijn uitdrukken. Alsof de patronen ontstaan uit het ego feiten zijn die gelden voor hun ware aard, hun ware zelf.
Willen wij dichter bij onze kern komen, bij datgene wat binnen in de schelp besloten ligt dan is het belangrijk om ons bewust te worden van patronen van het ego. We zullen dingen onder ogen moeten zien en stukken van het ego los moeten laten. Dit omdat het ego uiteindelijk niet onze ware diepere zelf is. Ego alleen blokkeert uiteindelijk onze groei en dragen we als het ware mee als bagage. In feite houdt het ego zonder inhoud je juist bij je droom vandaan. Als je jezelf los weet te koppelen van het idee dat je niet meer bent dan een bestuurder van een type X of Y voertuig. Als je het onderscheid kunt zien van het ego en je innerlijk weten, je diepere ik, kun je eindelijk beginnen om jezelf te bevrijden en je open te stellen voor wat is.

De Plutoïden en de kracht van onze overtuigingen

Stel je voor dat er in ons hart allemaal deurtjes zitten met daarachter een waarheid, een levenswijsheid. Bij sommigen staan deze deurtjes misschien op een kier of misschien staan er een aantal open? Maar ik vermoed dat ze bij veel mensen (nog) niet wagenwijd zijn geopend. De reden hiervan heeft voor een groot deel te maken met onze overtuigingen. Overtuigingen die gevormd zijn door emotionele ervaringen uit het verleden. Onze eigen persoonlijke waarheden houden als gespierde uitsmijters de wacht. Deze sterke krachten drukken met ferme kracht de deuren naar wijsheid dicht. Hoe sterker onze overtuigingen, hoe gespierder de uitsmijters. Er is door deze zwaargewichten geen ruimte voor een andere waarheid. Ook al is die waarheid misschien veel eerlijker dan de onze, we zullen er nooit achterkomen wanneer we zo sterk aan onze persoonlijke overtuigingen vasthouden. Vaak hebben we echter helemaal niet in de gaten welke overtuigingen onze weg naar vrijheid versperren.
Hoewel de poortwachters weten wat voor een positieve kracht er achter de deur bevindt, houden zij hun kennis ‘geheim’ totdat de ‘baas’ toestemming geeft de geheimen prijs te geven. De baas staat hier voor het persoonlijke zelf. De Plutoïden staan voor de gespierde wachters voor de deurtjes van ons hart. Zij staan dus in dienst van onze persoonlijkheid (ons ego).
Wanneer onze persoonlijkheid zijn overtuigingen wil beschermen (ook al snijden ze geen hout), voeren de wachters hun opdracht vol overgave uit. Pas wanneer wij onze eigen (valse) overtuigingen beginnen te onderzoeken, kan er een begin worden gemaakt met het openen van de deurtjes. Je kunt je misschien wel voorstellen dat wanneer het ego nog niet toe is aan het openen van de deurtjes (en dus toegeven dat je overtuigingen wankel van aard zijn), de afweer en bescherming van deze openingen gepaard gaat met angst. We verkrampen, verstenen of zetten ons afweergeschut op scherp. De poortwachters handelen in zo’n geval in een opperste staat van paraatheid en instinctief. De keus is simpel: vechten of vluchten (en dus niet bekommeren om ware wijsheid). Eerst moeten namelijk onze angsten overwonnen worden voordat er ruimte is voor iets nieuws, het toelaten van hernieuwde krachten. Iedere poortwachter staat in positieve of negatieve zin in verbinding met kracht. Hier een overzicht:

Pluto: transformatiekracht (ontwikkelen, blootleggen van kern)
Huya: stuwkracht (laten meevoeren met de stroom, vertrouwen)
Varuna: aantrekkingskracht (ontvangen)
Ixion: wilskracht of: daadkracht (zelfstandig functioneren)
Quaoar: scheppingskracht (doorgeven van het leven)
Haumea: oerkracht of levenskracht (over de onvergankelijke kracht van het bestaan)
Eris: tegenkracht (tegenwicht bieden)
Sedna: zwaartekracht (zinken naar de bodem of verlossen van zware belasting)
Orcus: overlevingskracht (manifestatie drang)
Makemake: overtuigingskracht of: verbeeldingskracht (Wat wil je geloven/zien?)

Vleugels

Van bovenaf heeft een vogel mooi uitzicht over de wereld. Veel meer dan bijvoorbeeld mieren zijn zij in staat het totaalbeeld te aanschouwen. Een mier ziet alleen een klein stukje, zoals de weg die hij aflegt van zijn nest tot het pad wat hem leidt naar de kruimel die hij vervolgens mee terugsleept naar zijn nest.
Wanneer we geluk hebben maken wij gedurende ons leven ook een of meerdere reizen in een vliegtuig, waardoor ook wij net als een gevleugeld wezen de wereld van bovenaf kunnen aanschouwen. Vervolgens kunnen wij na zo’n reis vol verhalen weer terugkeren naar de dagelijkse sleur (misschien zet ik het wat eenzijdig neer, maar ik probeer hier even een beeld te schetsen).
Wanneer je er goed over nadenkt, hebben wij net als een mier die een kruimel naar het mierennest sleept, ook geen zicht op de hele tuin. Een vogel daarentegen heeft van bovenaf een veel beter beeld. Die ziet bijvoorbeeld links de mieren aan het werk, rechts de poes van de buren, de broodkruimels in het gras en de eenden verderop in de vijver. Allemaal zaken die de mier vanaf de grond gezien niet in de gaten heeft.
Maar behalve het zicht is er ook nog de kwestie van bagage. Want zijn wij niet ook net als mieren, dag in en dag uit op pad met bagage op ons rug? Bagage vanuit een verleden? Zware lasten, mooie herinneringen, pijnlijke littekens die we maar niet los kunnen laten? Onze rugzak zomaar eventjes afdoen gaat niet zonder slag en stoot. Het lijkt daarom vaak gemakkelijker om onze last mee te blijven sjouwen en onze klusjes te blijven volhouden dan dat we ons bevrijden van alle zorgen.

Vaak is het juist die plek op je rug, waar de banden van een rugzak op je schouders rusten, of waar vleugels contact maken met de rug, waar lichamelijke verkramping zit. Als ik daar met mijn aandacht heen ga, zit daar vaak spanning die als het wat te heftig wordt, kan uitstralen naar mijn hoofd of naar andere plekken in mijn lichaam.
Ik stel me voor dat een engel geen last heeft van deze stress. Deze bewaart zijn kalmte wanneer de druk van buitenaf wordt opgevoerd of de verwachtingen hoog gespannen zijn. Zij (of hij) heeft geen afweersysteem nodig om de eigen kwetsbaarheid te beschermen of te verdedigen. Nee volgens mij heeft een engel zich vrij heeft gemaakt van dit alles. Een engel heeft geen karma meer in te lossen en de lessen van het ego zijn geleerd. Ware vrijheid is zijn zonder oordelen, geven zonder iets terug te verwachten, zijn zonder moeten. Een engel heeft de les van vrijheid geleerd en de last op de schouders heeft plaatsgemaakt voor vleugels.

De zon staat symbool voor het goede voorbeeld. In de horoscoop wijst hij ons op onze persoonlijke stralingskracht. De zon laat zien wat wij nodig hebben om onze vleugels te kunnen uitslaan. We moeten onszelf daarbij niet kleiner maken dan nodig of juist groter dan ons ego kan dragen. Door goed naar de zon in je horoscoop te kijken, leer je wat voor jou persoonlijk belangrijk is, wat je nodig hebt om te kunnen vliegen.

Is Sedna een tweede (verheven) Neptunus en Makemake een tweede (verheven) Uranus?

Misschien waag ik me nu aan een gevoelig onderwerp wanneer ik wat schrijf over een vraag die door menigeen lijkt te worden gesteld. Namelijk: Staan de Plutoïden, zoals Sedna, Makemake en Quaoar een hogere tree (een verhoging in energie) van de planeten? Of anders gezegd: Is Sedna een tweede (verheven) Neptunus en bijvoorbeeld Makemake een tweede (verheven) Uranus?
Wanneer we Sedna bestuderen lijkt zij inderdaad een raakvlak met Neptunus te hebben en op soortgelijke wijze is de boodschap van Makemake een spirituele variant van Uranus. Tegelijkertijd heeft bijvoorbeeld de beweeglijke Quaoar weer wat weg van Mercurius.
Ik ben van mening dat de Plutoïden inderdaad op een hogere energetische frequentie vibreren, dan bijvoorbeeld Mercurius of Saturnus, maar tegelijkertijd zegt mijn gevoel dat we ons blikveld niet moeten vernauwen. We moeten er naar mijn mening voor waken dat we Sedna, Quaoar en al die anderen niet teveel gaan vergelijken met andere planeten. Zij staan op zichzelf. Zo moeten we bijvoorbeeld Sedna niet gaan zien als een tweede (verheven) Neptunus en Makemake als een tweede (verheven) Uranus. Je zou de gemeenschappelijke factor van Sedna en Neptunus misschien nog het beste kunnen vergelijken met twee verschillende personen die zich beide thuis voelen binnen eenzelfde sfeer (Vissen).
Ik associeer de Plutoïden met wijsheid en meesterschap. Van Sedna zouden we dan bijvoorbeeld kunnen zeggen dat zij over wijsheid beschikt die verband houdt met het teken Vissen. En voor Quaoar geldt dit voor het teken Tweelingen, terwijl Makemake weer verwantschap heeft met het teken Waterman.

Wanneer we proberen om de dwergplaneten toch proberen te verbinden met de planeten dan lijkt het voor de drie bovenstaande dwergplaneten misschien niet zo heel lastig. Zij zouden mogelijk gekoppeld worden aan Neptunus, Uranus en Mercurius. Ik heb echter gemerkt dat het voor andere Plutoïden toch wat genuanceerder ligt. Neem bijvoorbeeld Varuna een hemelgod uit het oude India. Behalve associaties met Venus en de Zon, doet Varuna mij ook denken aan Jupiter. Dus van welk hemellichaam zou Varuna dan een verhoging kunnen zijn? Beter is het volgens mij om deze manier van denken (hokjesgeest) los te laten en de Plutoïden te erkennen voor wat ze zijn, namelijk: zuivere energieën met een eigen identiteit. Daarbij is het mijn interpretatie dat deze miniplaneetjes verbonden zijn met het vijfde element ether. En vanuit dit gezichtspunt zouden we ze dus zelfs boven de sfeer van de tekens kunnen plaatsen. Ze zijn voor mijn gevoel dus eigenlijk een verhoogde tree van de vier elementen.